Nieuwe wetgeving voor zzp’ers in aantocht

04-12-19

De overheid wil de huidige Wet DBA per 1 januari 2021 vervangen door een nieuwe wet: de Wet minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring. Deze wet zou opdrachtgevers en zelfstandigen (eindelijk) de gewenste duidelijkheid over hun arbeidsrelatie moeten verschaffen. Komt de wet er ook echt, dan zou dat ingrijpende gevolgen kunnen hebben voor waarnemende huisartsen, tandartsen en verloskundigen.

Hoe zat het ook alweer? Op 1 januari 2016 werd de huidige Wet DBA ingevoerd ter vervanging van de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR). Doel van de wet was het voorkomen van verkapte dienstverbanden, schijnzelfstandigheid en concurrentie op arbeidsvoorwaarden. Ook moest de wet échte ondernemers meer zekerheid over hun fiscale status verschaffen. Door onduidelijkheid over de interpretatie en toepassing van de ‘spelregels’ werd handhaving van de Wet DBA echter tot op heden uitgesteld.

Nieuwe wetgeving in de maak

Onlangs heeft het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid daarom twee wetsvoorstellen opgesteld die uiteindelijk zouden kunnen leiden tot de Wet minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring. Naar het zich laat aanzien, zal de beoogde nieuwe wet een aantal elementen bevatten van de huidige Wet DBA. Daarnaast voorzien de wetsvoorstellen in diverse mogelijke nieuwe elementen, zoals:

  • een minimumtarief van € 16,00 per uur om zelfstandigen aan de onderkant van de arbeidsmarkt te beschermen en schijnzelfstandigheid te voorkomen;
  • een opt-out regeling in de vorm van een zelfstandigenverklaring voor zelfstandigen die meer dan € 75,00 per uur declareren;
  • de (onverplichte) mogelijkheid voor opdrachtgevers om met behulp van een webmodule de aard van de arbeidsrelatie te bepalen en zo een beperkte mate van zekerheid te verkrijgen.

  • Administratieve rompslomp

    De wetsvoorstellen vermelden – met name voor opdrachtnemers – ook een aantal administratieve plichten, bijvoorbeeld om:

  • voor aanvang van elke opdracht een offerte op te stellen met vermelding van het overeengekomen aantal uren, het uurtarief, de totaal te declareren vergoeding én de eventueel bijkomende kosten;
  • voor de 15e van elke maand een deelfactuur te sturen met vermelding van de hiervoor vermelde gegevens met betrekking tot de achterliggende maand;
  • na afloop van de opdracht voor de 15e van de volgende maand een slotfactuur te sturen met vermelding van de data van aanvang en beëindiging van de werkzaamheden.
  • Worden deze verplichtingen straks daadwerkelijk in de wet opgenomen, dan zal dit voor waarnemers én praktijkhouders leiden tot meer administratieve rompslomp. Tot nu toe worden bedragen en perioden – met name bij het ad hoc overnemen van een dienst – immers vaak mondeling, schriftelijk of per e-mail overeengekomen.

    Maximaal 1 jaar bij dezelfde opdrachtgever

    Veel waarnemers werken momenteel voor een vaste huisarts-, tandarts- of verloskundigenpraktijk waar ze vaak voor langere tijd aan verbonden zijn. In de huidige wetsvoorstel wordt echter uitgegaan van een maximale periode van 1 jaar. Dit zou betekenen dat waarnemer en opdrachtgevers die tóch langer willen samenwerken een dienstverband moeten afspreken.

    Aanvechten van de wetsvoorstellen

    Eind oktober zijn beide wetsvoorstellen ter consultatie voorgelegd aan een groot aantal stakeholders. Diverse partijen – waaronder de KNMT, de FMS en de LHV – hebben inmiddels op de voorstellen gereageerd, uiteraard met de nadruk op de specifieke situatie in de zorg. Zzp’ers vervullen immers een smeeroliefunctie op het moment dat aanvullende of vervangende capaciteit nodig is en zijn daarmee essentieel voor de continuïteit en kwaliteit van de zorg. Zo zou bij het bepalen van de maximale duur van een opdracht het belang van de patiënt centraal moeten staan. Daarnaast zou een nieuwe wet moeten aansluiten bij de specifieke wetgeving in de zorg. En tot slot is het zeer wenselijk dat de administratieve last zo klein mogelijk worden gemaakt. Het LHV heeft aangekondigd in de loop van 2020 met informatie over alternatieven voor waarnemende huisartsen te komen. Tot die tijd luidt het advies van de LHV: “Het is voor u als (vaste) waarnemer én voor u als praktijkhouder met een vaste waarnemer aan te raden om alvast na te denken over het alternatief van praktijkhouderschap of loondienst.”

    Enquête HuisartsVandaag

    In de enquête van HuisartsVandaag onder 870 huisartsen met als onderwerp ‘Waarneemtarieven overdag’ werd gevraagd of waarnemende huisartsen in loondienst zullen gaan óf hun tarieven gaan verhogen boven € 75,00 (de grens voor de opt-out regeling). Het merendeel van zowel waarnemende huisartsen als praktijkhouders verwacht dat waarnemende huisartsen hun tarieven zullen verhogen naar € 75,00 en meer om alsnog als zzp’er aan het werk te kunnen gaan voor maximaal één jaar. Slechts een klein deel (12%) denkt dat waarnemende huisartsen als Hidha in loondienst zullen gaan.

    Voor waarnemers met wisselende overeenkomsten zal de beoogde nieuwe wet overigens weinig problemen opleveren. De meeste waarnemers verkiezen echter een ‘vaste’ basis van een of twee praktijken en het lijkt er op dit moment op dat dát onder de nieuwe wet niet meer zal kunnen. Een en ander zorgt begrijpelijkerwijs nú al voor onrust bij waarnemende huisartsen die zich op de situatie in 2021 aan het voorbereiden zijn.

    Ga het gesprek aan

    Op dit moment worden de consultaties over beide wetsvoorstellen afgerond. Of de uitkomsten daarvan de inhoud van de voorstellen substantieel zullen veranderen, is uiteraard op voorhand niet te zeggen. Binnen onze organisatie wordt echter al druk gesproken en nagedacht over mogelijke oplossingen en alternatieve samenwerkingsvormen. Zodra hierover concrete informatie beschikbaar is, zullen we u hierover nader informeren. Maakt u zich zorgen over de invloed van de nieuwe wet op uw eigen waarnemingen of praktijk en wilt u hierover het gesprek met ons aangaan? Neem dan contact op met uw adviseur van Sibbing.


    Noot van de redactie

    Het reguleren van de samenwerking tussen zzp’ers en opdrachtgevers is al jarenlang onderwerp van een brede discussie en ook de inhoud en reikwijdte van de beide huidige wetsvoorstellen wordt intensief bediscussieerd. De berichtgeving over de beoogde nieuwe Wet minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring verandert dan ook vrijwel dagelijks. Hierdoor is de inhoud van dit artikel bij publicatie mogelijk al (deels) achterhaald of onvolledig. Houd daarom ook het andere nieuws omtrent de nieuwe wet in de gaten!